Phono-voorversterker (MM en MC)
Ook wel: phono-ingang, phonotrap, phono-voorversterker, RIAA, MM, MC, moving magnet, moving coil, ingebouwde phono
Een platenspeler levert een heel zwak signaal dat eerst versterkt en gecorrigeerd moet worden. Dat doet een phono-voorversterker, los, in de versterker of in de platenspeler. MM- en MC-elementen vragen verschillende versterking.
Het element van een platenspeler levert een signaal van slechts enkele millivolts, veel zwakker dan een cd-speler of streamer. Bovendien worden platen gesneden met minder laag en meer hoog, volgens de zogenaamde RIAA-curve. Een phono-voorversterker versterkt het signaal tot lijnniveau en draait die correctie weer terug.
Er zijn twee hoofdtypen elementen:
- MM (moving magnet): de meest voorkomende soort, met een uitgangsspanning van ongeveer 5 mV. Vraagt in de regel zo'n 35 tot 45 dB versterking. De naald is meestal zelf te vervangen.
- MC (moving coil): levert veel minder, vaak 0,2 tot 0,5 mV, en vraagt daarom ongeveer 55 tot 70 dB versterking met weinig ruis. Er bestaan ook high-output MC-elementen die op een MM-ingang werken.
Op productpagina's zie je dat terug als:
- Phono-ingang op een versterker: geen, alleen MM, of MM en MC.
- Elementen bij een losse phono-voorversterker: welke typen hij ondersteunt.
- Versterking MM/MC in dB: hoeveel het signaal wordt opgehoogd.
- Ingebouwde phono-voorversterker op een platenspeler: dan kun je hem direct op een line-ingang of actieve speakers aansluiten. Vaak is die uit te schakelen, zodat je later een betere kunt gebruiken.
Te weinig versterking maakt het geluid zacht en kan ruis hoorbaar maken; te veel kan oversturen.
Waar een goede phono-voorversterker in verschilt
- RIAA-nauwkeurigheid: hoe exact de correctiecurve wordt teruggedraaid, als afwijking in ± dB. Een afwijking van ±0,3 dB of minder is in de regel niet hoorbaar; bij ±1 dB of meer kan de klankbalans merkbaar verschuiven, bijvoorbeeld iets dunner laag of feller hoog.
- Ruis: omdat het signaal zo zwak is, telt elke ruis van de schakeling mee. Een hogere signaal-ruisverhouding (in dB) betekent stillere passages. Waarden boven ongeveer 80 dB voor MM zijn goed; meetmethoden verschillen wel per fabrikant.
- Instelbare belasting: een MM-element klinkt het meest neutraal bij de juiste capaciteit (in pF), een MC-element bij de juiste ingangsimpedantie (in ohm). Kun je die instellen, dan stem je de voorversterker af op je element.
- Instelbare versterking: handig als je van element wisselt, of een element met een afwijkende uitgangsspanning gebruikt.
- Extra's: een gebalanceerde uitgang, een subsonisch filter tegen trillingen van kromme platen, of een USB-uitgang om platen te digitaliseren.
Klasse op deze site
Bij losse phono-voorversterkers tonen we een klasse op basis van vier criteria:
- ondersteunt MC-elementen;
- heeft instelbare belasting of versterking;
- heeft een RIAA-nauwkeurigheid van ±0,3 dB of beter;
- heeft een signaal-ruisverhouding van 80 dB of meer.
Elk vervuld criterium is een punt: vier punten is top, drie hoog, twee midden en minder instap. Een criterium waarvan we de waarde niet kennen, telt niet mee en staat als "onbekend" op de pagina. Zonder gegevens over elementen en RIAA of ruis geven we geen klasse. De klasse zegt wat een voorversterker technisch biedt; of je die mogelijkheden nodig hebt, hangt af van je element.
Waar let je op?
- Heb je een MC-element, controleer dan of de phono-ingang MC ondersteunt.
- Een platenspeler zonder ingebouwde phono-voorversterker hoort niet op een gewone line-ingang.
- Een uitschakelbare ingebouwde phono-voorversterker houdt de optie open om later te upgraden.
- Met een MM-element heb je MC-ondersteuning niet nodig; let dan vooral op RIAA-nauwkeurigheid en ruis.
RIAA-nauwkeurigheid (±): beste waarden in onze catalogus
Volgens de opgave van de fabrikant. Meetcondities kunnen per merk verschillen.
Bijgewerkt 28 oktober 2026